Gebruikersinterface
De gebruikersinterface (12) dient voor het controleren van de acculaadtoestand en voor het aanduiden van de toestand van het systeem.
Accu-oplaadaanduiding (gebruikersinterface) (15) | Betekenis/oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
groen (2 tot 5 balkjes) | Accu geladen | – |
geel (1 balkje) | Accu bijna leeg | Accu binnenkort verwisselen of opladen |
rood (1 balkje) | Accu leeg | Accu verwisselen of opladen |
Als er geen accu wordt gekozen, laat de accu-oplaadaanduiding (15) altijd de toestand van de accu met de lagere capaciteit zien.
- Om de laadtoestand van een bepaalde accu te laten aangeven, drukt u zo vaak op de knop accukeuze (13) tot naast de accu-oplaadaanduiding (15) het symbool van de gewenste accu oplicht (A: linkeraccu, B: rechteraccu; zie ook behuizingsmarkering boven de accuhouders (18) in de accu Power Unit).
Aanduiding status elektrisch gereedschap (16) | Betekenis/oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
Groen | Status OK | – |
Geel | Kritieke temperatuur is bereikt of accu bijna leeg | Elektrisch gereedschap laten afkoelen of accu verwisselen of opladen |
Rood | Elektrisch gereedschap is oververhit of accu leeg | Elektrisch gereedschap laten afkoelen of accu verwisselen of opladen |
Accu te zwak | Accu opladen of aanbevolen accutype gebruiken | |
Algemene fout |
Blijft de fout bestaan:
|