Accukoeling (Active Air Cooling)
De oplader bewaakt de temperatuur van de geplaatste accu. Indien nodig schakelen de ventilatoren in om de accu te koelen.
De accukoeling gebeurt in 3 standen:
- Voorkoeling
- Koeling tijdens het laden
- Nakoeling
- De oplader beschikt over een eigen koeling die onafhankelijk van de accukoeling werkt.

Voorkoeling
Als de accutemperatuur vóór aanvang van het oplaadproces boven het toegestane oplaadtemperatuurbereik ligt zie Oplaadproces, worden de ventilatoren geactiveerd om de accu te koelen.
Het opladen start zodra de accutemperatuur het toegestane oplaadtemperatuurbereik heeft bereikt.
Tijdens de voorkoeling wordt de accukoeling als volgt aangegeven:
De aanduiding Active Air Cooling (4) brandt groen en de statusaanduiding (3) brandt geel.

Koeling tijdens het laden
Als de oplader tijdens het oplaadproces herkent dat een accukoeling gunstig is, worden de ventilatoren geactiveerd.
Tijdens het oplaadproces wordt de accukoeling als volgt aangegeven:
De aanduiding Active Air Cooling (4) brandt groen, de statusaanduiding (3) brandt groen en de balkjes van de oplaadaanduiding (9) lichten achtereenvolgens groen op.

Nakoeling
Als de oplader na het oplaadproces herkent dat een accukoeling gunstig is, worden de ventilatoren geactiveerd.
Tijdens de nakoeling wordt de accukoeling als volgt aangegeven:
De aanduiding Active Air Cooling (4) brandt groen, de statusaanduiding (3) brandt groen en alle balkjes van de oplaadaanduiding (9) branden groen.